N M S G ' 9 5

Churchillplein 1, 2517 JW Den Haag +31 6 2845 4044

Plaatsmarkering NMSG'95

De eerste fysieke stap richting een definitief nationaal monument en informatiecentrum op het Churchillplein in Den Haag.

De plaatsmarkering bestaat uit drie onderdelen: een horizontaal element in de bestrating met
dertig witte stenen, een verticale gedenksteen,
 en een informatiebord. Het horizontale element symboliseert het doorlopende proces van herinnering en erkenning: dertig witte stenen in de bestrating, één voor elk jaar sinds de genocide. Elk jaar zal één witte steen worden toegevoegd, zolang het proces voortduurt.
 
In de verticale gedenksteen zijn 8.372 met de hand gebroken natuursteentjes verwerkt –  één voor elk slachtoffer. Het natuursteen is afkomstig uit Bosnië en Herzegovina en bestaat uit restmateriaal van grafstenen, gelijk aan het witte steen dat op de begraafplaats in Srebrenica wordt gebruikt.
 
De steentjes zijn in en voor het Haagse Stadhuis gebroken door overlevenden en nabestaanden van de genocide, maar ook door burgemeester Jan van Zanen, vertegenwoordigers van de gemeente Den Haag, het Ministerie van Buitenlandse Zaken, de vereniging Dutchbat 3, leden van de Haagse gemeenteraad, betrokken burgers en voorbijgangers. Het breken van de stenen gebeurde met zorg en liefde  een symbolische daad van herinnering, erkenning en verbondenheid. Elk steentje heeft daardoor een unieke vorm en draagt een eigen verhaal, net zoals elk slachtoffer.
 
Met deze plaatsmarkering, en een toekomstig monument en informatiecentrum, wil de Stichting Nationaal Monument Srebrenica Genocide ’95 overlevenden en hun families eren, bewustwording creëren door middel van herinnering, onderzoek en onderwijs, en ervoor zorgen dat toekomstige generaties de lessen van Srebrenica blijven begrijpen en herkennen.

De plaatsmarkering NMSG’95 is mede gefinancierd door: de gemeente Den Haag, de
gemeente Rotterdam, het Ministerie van Defensie en het Ministerie van Buitenlandse Zaken.


Onthulling

Precies 30 jaar na de genocide in Srebrenica werd de plaatsmarkering onthuld voor het voormalige Joegoslaviëtribunaal. De ceremonie vond plaats op vrijdag 11 juli 2025, van 13:30 tot 14:00 uur. De gebeurtenis werd onder andere bijgewoond door de deelnemers van de Marš Mira (/vredesmars), die na afloop hun weg vervolgden naar de Lange Voorhout. Hier vond later op de middag de Nationale Herdenking Srebrenica Genocide plaats.


Toespraken

Toespraak - Vereniging van Overlevenden Srebrenica Genocide Juli 1995

Midheta Husejnović

NL - Vandaag, 30 jaar geleden, gebeurde een tragedie in Srebrenica die niet had mogen gebeuren.
Een genocide waarbij meer dan 8.000 Bosniak-mensen werden afgevoerd, uitgehongerd, gemarteld en vermoord. Alleen vanwege hun naam. Omdat ze moslim waren. Ze probeerden te vluchten, net zoals zovelen, via het bos. Maar helaas vonden ze geen andere uitweg dan de dood.

Ik, Midheta, een van de overlevenden, kan nu hier mijn verhaal vertellen – maar wel met pijn.
Een pijn van verdriet, onbegrip en gemis. Ik was een baby van 28 dagen oud. Samen met mijn moeder en mijn drie jaar oudere broer zijn we gevlucht van huis. Nooit heb ik mijn vader mogen leren kennen, nooit mijn eerste herinneringen of momenten met hem mogen delen. Het doet pijn – en nog altijd leven velen met datzelfde verdriet.

Ze zeggen dat het met de tijd makkelijker wordt, maar tevergeefs – het gemis wordt alleen maar groter.
Dezelfde vragen die ik vroeger aan mijn moeder stelde, stellen mijn kinderen nu aan mij: “Waar is jouw papa? Waar is opa?” Zoveel te vertellen, maar niet de juiste woorden kunnen vinden.

Vandaag sta ik hier voor het voormalige Joegoslavië-tribunaal om mijn verhaal te delen met jullie.
Een historische plek waar de oudere generatie van de Vereniging van Overlevenden van de Srebrenica Genocide 1995 hebben gedemonstreerd voor gerechtigheid – en waar uiteindelijk ook recht is gesproken. Maar dit is ook een emotionele plek, omdat velen hier voor het eerst de moordenaars van hun geliefden in de ogen hebben kunnen kijken. Ook ik ben hier binnen geweest, om getuige te zijn van de geschiedenis.

De moordenaars van mijn vader, oom en opa’s zijn hier veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf.
Voor genocide, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Als mijn vader de genocide had overleefd, dan was hij nu – net als zijn leeftijdsgenoten – moe van de 30 jaar durende strijd voor een plek van herdenking, erkenning en educatie. Niet alleen om deze gedeelde geschiedenis een plek te geven, maar ook om ervan te kunnen leren.

En zo’n plek is hard nodig.
Want ook nu, op dit moment, vindt er opnieuw een genocide plaats, waar weer niet op tijd wordt ingegrepen.

Ik krijg nu de mogelijkheid om de plaatsmarkering te onthullen.
Het brengt mijn vader, oom en opa’s niet terug. Het neemt mijn pijn of verdriet niet weg. Maar het geeft me wel meer kracht om door te gaan, omdat het om erkenning gaat. Erkenning dat er een genocide heeft plaatsgevonden. Een plek die veel emoties oproept bij velen van ons.

De eerste stappen zijn gezet, en zo gaan we door.
Tot er een permanent monument komt, met een informatiecentrum, hier in het voormalige Joegoslavië-tribunaal. Zodat de geschiedenis van zowel Nederland als Bosnië en Herzegovina niet vergeten mag worden.

Het sterkt mij dat er brede steun is voor dat uiteindelijke monument en informatiecentrum.
Ik vraag iedereen hier om bij te dragen aan dit doel – niet alleen in woorden, maar ook in daden. Zodat ook de oudere generatie van overlevenden dit nog kan meemaken. Want de eerste onder hen zijn ons al ontvallen.

BiH - Danas, prije 30 godina, dogodila se tragedija u Srebrenici koja se nije smjela dogoditi. Genocid u kojem je više od 8.000 bošnjačkih ljudi odvedeno, izgladnjivano, mučeno i ubijeno. Samo zbog njihovog imena. Zato što su bili muslimani. Pokušavali su pobjeći kao i mnogi drugi kroz šumu, ali nažalost nisu našli drugo rješenje osim smrti.

Ja, Midheta, jedna od preživjelih, sada mogu ovdje ispričati svoju priču, ali s boli. Boli tuge, nerazumijevanja i nedostatka. Beba od 28 dana. Zajedno s majkom i bratom koji je od mene stariji tri godine pobjegli smo iz doma. Nikada nisam upoznala svog oca, nisam mu mogla podijeliti prve trenutke. Boli me i mnogi drugi žive s istom tugom. Kažu da s vremenom postaje lakše, ali uzalud — nedostatak samo postaje veći. Isti oni pitanja koja sam nekada postavljala majci, danas moja djeca postavljaju meni: “Gdje ti je tata? Gdje ti je deda?” Toliko toga trebam reći, ali ne nalazim prave riječi.

Danas stojim ovdje pred bivšim Sudom za bivšu Jugoslaviju kako bih podijelila svoju priču s vama. Povijesno mjesto gdje su starije generacije Udruženja preživjelih genocida u Srebrenici 1995. demonstrirale za pravdu i gdje je pravda na kraju i zadovoljena. Ali ovo je također mjesto puno emocija, jer su mnogi po prvi put pogledali ubicama svojih najmilijih u oči. I ja sam bila unutra kao svjedok povijesti.

Ubijice mog oca, ujaka i djedova ovdje su osuđene na doživotni zatvor za genocid, ratne zločine i zločine protiv čovječnosti.

Da je moj otac preživio genocid, sada bi, kao i njegovi vršnjaci, bio umoran od 30-godišnje borbe za mjesto za sjećanje, priznanje i edukaciju. Ne samo da tu zajedničku povijest smjestimo, već i da stvorimo mjesto za učenje. I takvo mjesto je prijeko potrebno, jer i sada, baš sada, događa se novi genocid na koji opet nije pravodobno reagirano.

Sada imam priliku otkriti ovu lokacijsku ploču. Ne vraća mi mog oca, ujaka i djedove, ne odnosi bol ili tugu, ali mi daje snagu da nastavim, jer se radi o priznanju. Priznanju da se dogodio genocid. Mjesto koje za mnoge od nas bude puno emocija.

Prvi su koraci učinjeni i nastavljamo dok ne izgradimo trajni spomenik s informacijskim centrom u bivšem Sudu za bivšu Jugoslaviju, kako povijest i Nizozemske i Bosne i Hercegovine ne bi bila zaboravljena. Ojačava me saznanje da postoji široka podrška za konačni spomenik s info-centrom. Molim sve prisutne da doprinesu tom cilju, ne samo riječima, nego djelima, kako bi i starija generacija preživjelih mogla biti svjedokom svega – jer neki od njih već su nas napustili.

ENG - Today, 30 years ago, a tragedy occurred in Srebrenica that should never have happened. A genocide in which more than 8,000 Bosniak people were deported, starved, tortured, and murdered. Simply because of their name. Because they were Muslim. They tried to flee—like many others—through the forest, but unfortunately found no escape other than death.

I, Midheta, one of the survivors, can now tell my story here, but with pain. A pain of sorrow, incomprehension, and loss. A baby only 28 days old. Together with my mother and my brother, who is three years older, we fled our home. I have never had the chance to know my father or share my first moments with him. It hurts—and many others live with that same sorrow. They say that in time it becomes easier, but in vain—the loss only grows deeper. The same questions I used to ask my mother, my children now ask me: “Where is your dad? Where is your grandpa?” So much to tell, yet not finding the right words.

Today I stand here in front of the former International Criminal Tribunal for the former Yugoslavia to share my story with you. A historic site where the older generation of the Association of Srebrenica Genocide Survivors 1995 demonstrated for justice—and where justice was eventually delivered. But this is also an emotional place, because many were able, for the first time, to look their loved one’s killers in the eye. I too entered these halls as a witness to history.

The murderers of my father, uncle, and grandfathers were sentenced here to life imprisonment for genocide, war crimes, and crimes against humanity.

Had my father survived the genocide, he would be, like his peers, weary of the 30-year struggle for a place of remembrance, recognition, and education. Not only to honor this shared history but also to provide a place for learning. And such a place is sorely needed, because even now—at this very moment—another genocide is taking place, with no timely intervention.

Now I have the opportunity to unveil this site marker. It doesn’t bring back my father, uncle, and grandfathers; it doesn’t take away my pain or sorrow—but it gives me strength to keep going, because it’s about recognition. Recognition that a genocide occurred. A place that evokes many emotions for so many of us.

The first steps have been taken, and we will continue until a permanent monument with an information center is built at the former ICTY, so the history of both the Netherlands and Bosnia and Herzegovina will not be forgotten. It encourages me that there is broad support for the final monument with an info center. I ask everyone here to contribute to this goal—not only in words but also in deeds—so that the older generation of survivors can still experience this, because the first among them have already left us.

Toespraak - Burgemeester Den Haag

Jan van Zanen

NL - Geachte aanwezigen,

Wij zijn hier bijeen voor een belangrijk moment: de tijdelijke plaatsmarkering van het toekomstige Nationaal Monument Srebrenica Genocide ’95.

Dat doen we vandaag.

Precies dertig jaar nadat 8372 mensen werden vermoord door het leger van de Servische Republiek.

Zowel de Verenigde Naties als het Europees Parlement hebben 11 juli aangewezen als officiële internationale herdenkingsdag voor de genocide in Srebrenica.

Begin vorige maand droeg ik bij aan een korte plechtigheid van de stichting Nationaal Monument Srebrenica Genocide ’95.

Op het plein voor het stadhuis was een kleine werkbank neergezet om een begin te maken met het symbolisch breken van natuursteen, afkomstig uit Bosnië en Herzegovina.

De zeer helderwitte natuursteen waarvan de grafstenen in Potočari gemaakt zijn.

Met een hamer en beitel heb ik, net als een aantal raadsleden, vertegenwoordigers van ministeries, oud-Dutchbatters en nabestaanden, symbolisch, met zorg een klein stukje steen gebeiteld.

De steentjes zijn verwerkt in de tijdelijke plaatsmarkering voor het toekomstige monument.

Het was een aangrijpende bijeenkomst.

In gedachten ging ik terug naar de zomer van 1995 en naar het moment waarop de schaal van de genocide van Srebrenica in al zijn gruwelijkheid tot ons doordrong.

De genocide van Srebrenica is ons gedeeld verleden.

De genocide van Srebrenica maakt deel uit van de geschiedenis van dit land, van deze stad.

Juist daarom vindt de gemeente Den Haag het belangrijk dat er een waardig monument komt dat herinnert aan de slachtoffers van Srebrenica.

Het herdenken van de genocide van Srebrenica is iets van nationaal belang.

Den Haag biedt daar graag ruimte voor.

Als gaststad van het Joegoslavië-tribunaal heeft Den Haag per slot van rekening mogen bijdragen aan de veroordeling van de belangrijkste verantwoordelijken voor de oorlogsmisdaden en de genocide tijdens de oorlog in voormalig Joegoslavië.

Als stad van vrede en recht is Den Haag het aan zichzelf verplicht om alles te doen wat mogelijk is om de verdere ontwikkeling van het internationaal strafrecht te ondersteunen.

En de straffeloosheid van oorlogsmisdadigers voor altijd uit te bannen.

Want helaas vinden nog altijd oorlogsmisdaden plaats.

Laat de slachtoffers van de genocide van Srebrenica, die ruim achtduizend vermoorde mensen, ons daarbij steeds een manend voorbeeld zijn.

8372 kostbare levens, 8372 individuen, gesymboliseerd door 8372 steentjes uit Bosnië en Herzegovina.

Opdat wij hen én de genocide van Srebrenica nooit, nooit vergeten.

BiH - Poštovani prisutni,

Okupljeni smo danas povodom važnog trenutka: privremenog obilježavanja mjesta budućeg Nacionalnog spomenika genocidu u Srebrenici ’95.

To činimo danas.

Tačno trideset godina nakon što je 8.372 ljudi ubijeno od strane vojske Republike Srpske.

I Ujedinjene nacije i Evropski parlament proglasili su 11. juli zvaničnim međunarodnim danom sjećanja na genocid u Srebrenici.

Početkom prošlog mjeseca učestvovao sam u kratkoj ceremoniji Fondacije Nacionalni spomenik genocidu u Srebrenici ’95.

Na trgu ispred gradske vijećnice postavljena je mala radna klupa kako bi se započelo sa simboličnim lomljenjem prirodnog kamena porijeklom iz Bosne i Hercegovine.

Riječ je o izrazito bijelom prirodnom kamenu od kojeg su napravljeni nišani u Potočarima.

Čekićem i dlijetom, kao i brojni gradski vijećnici, predstavnici ministarstava, bivši pripadnici Dutchbata i članovi porodica žrtava, simbolično sam i pažljivo isklesao mali komad kamena.

Ti kamenčići ugrađeni su u privremenu oznaku mjesta budućeg spomenika.

Bila je to potresna ceremonija.

U mislima sam se vratio u ljeto 1995. godine i u trenutak kada nam je razmjer genocida u Srebrenici postao jasan u svoj svojoj stravičnosti.

Genocid u Srebrenici je naša zajednička prošlost.

Genocid u Srebrenici dio je historije ove zemlje, ovog grada.

Upravo zato Grad Haag smatra važnim da se podigne dostojanstven spomenik u znak sjećanja na žrtve Srebrenice.

Obilježavanje genocida u Srebrenici pitanje je od nacionalnog značaja.

Haag s ponosom nudi prostor za to.

Kao grad domaćin Haškog tribunala za bivšu Jugoslaviju, Haag je, uostalom, dao doprinos osuđivanju glavnih odgovornih za ratne zločine i genocid tokom rata u bivšoj Jugoslaviji.

Kao grad mira i pravde, Haag je dužan učiniti sve što je moguće kako bi podržao dalji razvoj međunarodnog krivičnog prava.

I da se nekažnjivost ratnih zločinaca zauvijek iskorijeni.

Jer, nažalost, ratni zločini se i danas događaju.

Neka žrtve genocida u Srebrenici — više od osam hiljada ubijenih ljudi — budu naš stalni opominjući primjer.

8.372 dragocjena života, 8.372 pojedinca, simbolizirana sa 8.372 kamenčića iz Bosne i Hercegovine.

Da ih — i genocid u Srebrenici — nikada, nikada ne zaboravimo.

ENG - Dear attendees,

We are gathered here today for an important moment: the temporary placement marking of the future National Monument Srebrenica Genocide ’95.

We are doing this today.

Exactly thirty years after 8,372 people were murdered by the army of the Republika Srpska.

Both the United Nations and the European Parliament have designated 11 July as the official International Day of Remembrance of the Srebrenica Genocide.

At the beginning of last month, I contributed to a short ceremony organized by the Foundation National Monument Srebrenica Genocide ’95.

On the square in front of City Hall, a small workbench was set up to begin the symbolic breaking of natural stone originating from Bosnia and Herzegovina.

The very bright white natural stone from which the gravestones in Potočari are made.

With a hammer and chisel, like a number of city councillors, representatives of ministries, former Dutchbat soldiers and relatives of victims, I carefully and symbolically chiselled a small piece of stone.

These stones have been incorporated into the temporary placement marking for the future monument.

It was a moving ceremony.

In my thoughts, I went back to the summer of 1995 and to the moment when the scale of the Srebrenica genocide became clear to us in all its horrific reality.

The genocide of Srebrenica is our shared past.

The genocide of Srebrenica is part of the history of this country, of this city.

That is precisely why the municipality of The Hague considers it important that a dignified monument be created to commemorate the victims of Srebrenica.

Commemorating the Srebrenica genocide is a matter of national importance.

The Hague is pleased to offer space for this.

After all, as host city of the Yugoslavia Tribunal, The Hague has been able to contribute to the conviction of the principal perpetrators of war crimes and genocide during the war in the former Yugoslavia.

As the city of peace and justice, The Hague owes it to itself to do everything possible to support the further development of international criminal law.

And to eradicate the impunity of war criminals forever.

Because, sadly, war crimes are still being committed today.

May the victims of the Srebrenica genocide — more than eight thousand murdered people — always serve as a solemn reminder to us.

8,372 precious lives, 8,372 individuals, symbolised by 8,372 stones from Bosnia and Herzegovina.

So that we may never, ever forget them — and the genocide of Srebrenica.

Toespraak - Voorzitter NMSG'95

Samir Hajdarević

NL - Geachte aanwezigen,

Vandaag is een historische dag. Niet alleen omdat we herdenken, maar ook omdat we de eerste tastbare stap zetten naar een nationaal monument voor Srebrenica.

Deze plaatsmarkering is klein van formaat – maar groots van betekenis. Het is het begin van een groter geheel. Een eerste fase van een breder project.

Het echte werk begint nu: het realiseren van een volwaardig permanent herdenkingsmonument én een informatiecentrum.

Waarom op deze plek?

Omdat deze plek spreekt. Hier, op deze locatie, zat jarenlang het Joegoslaviëtribunaal – het tribunaal dat voor het eerst in de moderne geschiedenis genocide erkende op Europese bodem sinds de Tweede Wereldoorlog.

Het tribunaal heeft recht gesproken. Namen genoemd. Daders veroordeeld.

Onze wens – en onze hoop – is dat dit historische gebouw en deze omgeving behouden en toegankelijk blijven. En dat hier in de toekomst een informatiecentrum over Srebrenica en de genocide komt.

Zodat we niet alleen gedenken, maar ook blijven leren, onderwijzen en waarschuwen.

Wat we vandaag hebben onthuld is meer dan een steen.

U ziet op de grond dertig kleine steentjes, die elk een jaar symboliseren sinds de genocide. U ziet ook dat er ruimte is.

Want we zijn nog niet klaar. We laten bewust ruimte open om elk jaar opnieuw hier terug te keren. Elk jaar zullen we een steentje toevoegen en ook zullen er elk jaar meer bloemen achter de gedenksteen geplaatst worden.

Totdat het permanente monument hier staat.

En die belofte – dat ritueel – houdt de herinnering levend. Het laat ook zien: dit is geen afgesloten hoofdstuk. We zijn nog onderweg. Samen.

Maar centraal op deze plek ligt een bijzondere steen.

Het is een terrazzo-steen, en daarin zijn 8.372 steentjes verwerkt – één voor elk slachtoffer van de genocide van Srebrenica.

Wij hebben steen uit Bosnië gehaald die wordt gebruikt voor grafstenen in Potocari, en die met de hand, met liefde en zorg in kleine stukjes is gebroken.

Elk stukje is uniek – net als elk mens wiens naam en leven wij hier eren.

Deze mozaïek van verlies én verbondenheid hebben we samen met veel vrijwilligers gemaakt:
met de vereniging van overlevenden,
met leden van Dutchbat III,
met de burgemeester van Den Haag,
met medewerkers van het Ministerie van Defensie,
het Ministerie van Buitenlandse Zaken,
met kinderen van een Haagse basisschool,
en met zovelen anderen die hun handen, hart en tijd hebben gegeven.

Het was een collectief proces. En dat maakt deze steen niet alleen een symbool van herinnering, maar ook van gedeelde verantwoordelijkheid.

Wat we vandaag doen, doen we niet alleen voor het verleden.

We doen dit ook – en misschien wel vooral – voor de toekomst.

Zodat volgende generaties zullen weten wat er is gebeurd.
Zodat ze de namen blijven noemen.
Zodat ze zullen herkennen wat ontmenselijking, uitsluiting en haat kunnen aanrichten – en daar nooit aan wennen.

We zien het helaas nu weer gebeuren – op een extreme en enorme schaal – in Palestina.

Weer een genocide.

We hebben dus nog onvoldoende geleerd van onze gedeelde geschiedenis.

Deze plaatsmarkering is een begin.

Een belofte aan de slachtoffers – én aan onszelf – dat we niet zullen zwijgen.

BiH - Poštovani prisutni,

Danas je historijski dan. Ne samo zato što se prisjećamo, već i zato što činimo prvi opipljivi korak ka nacionalnom spomeniku za Srebrenicu. Ovo obilježje je malih dimenzija – ali velikog značenja. To je početak nečeg većeg. Prva faza šireg projekta.

Pravi posao počinje sada: ostvarivanje punopravnog trajnog spomen-obilježja i informativnog centra.

Zašto baš na ovom mjestu?

Zato što ovo mjesto govori. Ovdje, na ovoj lokaciji, se godinama nalazio Tribunal za bivšu Jugoslaviju – tribunal koji je prvi u modernoj historiji priznao genocid na tlu Evrope nakon Drugog svjetskog rata. Tribunal je izrekao pravdu. Imenovao žrtve. Osudio počinioce.

Naša želja – i naša nada – jeste da ova historijska zgrada i njeno okruženje budu sačuvani i ostanu dostupni. I da se ovdje u budućnosti otvori informativni centar o Srebrenici i genocidu. Tako da ne samo da se prisjećamo, već i da učimo, podučavamo i upozoravamo.

Ono što smo danas otkrili je više od kamena.

Na tlu vidite trideset malih kamenčića, svaki simbolizira jednu godinu od genocida. Vidite i da postoji prostor. Jer još nismo gotovi. Namjerno ostavljamo prostor kako bismo se svake godine mogli vratiti. Svake godine ćemo dodati po jedan kamenčić, i svake godine će više cvijeća biti položeno iza spomen-kamena. Sve dok ovdje ne stoji trajni spomenik.

To obećanje – taj ritual – održava sjećanje živim. Pokazuje i ovo: ovo nije zatvoreno poglavlje. Još smo na putu. Zajedno.

Ali u središtu ovog mjesta nalazi se poseban kamen. To je terrazzo-kamen, u kojem se nalazi 8372 kamenčića – po jedno za svaku žrtvu genocida u Srebrenici. Donijeli smo kamen iz Bosne koji se koristi za nadgrobne spomenike u Potočarima, i ručno ga, s ljubavlju i pažnjom, razbili na male dijelove. Svaki dio je jedinstven – kao i svaka osoba čije ime i život ovdje poštujemo.

Ovaj mozaik gubitka i povezanosti smo napravili zajedno s mnogim volonterima – s udruženjem preživjelih, s članovima Dutchbat III, s gradonačelnikom Haga, zaposlenicima Ministarstva odbrane, Ministarstva vanjskih poslova, djecom iz osnovne škole iz Haga i mnogim drugima koji su dali svoje ruke, srce i vrijeme.

To je bio kolektivni proces. I to ovaj kamen čini ne samo simbolom sjećanja, nego i zajedničke odgovornosti.

Ono što danas činimo, ne činimo samo zbog prošlosti. To činimo i – možda prije svega – zbog budućnosti. Da bi buduće generacije znale šta se dogodilo. Da bi nastavile izgovarati imena. Da bi prepoznale šta dehumanizacija, isključenje i mržnja mogu prouzrokovati – i da se na to nikada ne naviknu.

Nažalost, danas to ponovo gledamo u Palestini – na ekstremnoj i ogromnoj razini. Još jedan genocid.

Dakle, još nismo dovoljno naučili iz naše zajedničke historije.

Ovo mjesto je početak. Obećanje žrtvama – i nama samima – da nećemo šutjeti.

ENG -

Dear attendees,

Today is a historic day. Not only because we are commemorating, but also because we are taking the first tangible step towards a national monument for Srebrenica. This site marker is small in size – but great in meaning. It marks the beginning of something bigger. The first phase of a broader project.

The real work starts now: the realization of a full-fledged permanent memorial and an information center.

Why this place?

Because this place speaks. Here, on this very site, the Yugoslavia Tribunal was located for many years – the tribunal that, for the first time in modern history, recognized genocide on European soil since World War II. The tribunal delivered justice. It named names. It convicted perpetrators.

Our wish – and our hope – is that this historic building and its surroundings will be preserved and remain accessible. And that in the future, an information center about Srebrenica and the genocide will be established here. So that we do not only remember, but also continue to learn, teach, and warn.

What we have unveiled today is more than a stone.

On the ground, you see thirty small stones, each representing a year since the genocide. You will also notice there is space. Because we are not done yet. We are intentionally leaving space so that we can return here every year. Each year, we will add a new stone, and each year, more flowers will be placed behind the memorial stone. Until the permanent monument stands here.

That promise – that ritual – keeps the memory alive. It also shows: this chapter is not closed. We are still on the journey. Together.

At the center of this place lies a special stone. It is a terrazzo stone, in which 8,372 small pieces have been embedded – one for each victim of the Srebrenica genocide. We brought stone from Bosnia, the same kind used for gravestones in Potočari, and broke it by hand – with love and care – into small pieces. Each piece is unique – just like every person whose name and life we honor here.

This mosaic of loss and connection was created together with many volunteers – with the association of survivors, with members of Dutchbat III, with the mayor of The Hague, with staff from the Ministry of Defence, the Ministry of Foreign Affairs, children from a primary school in The Hague, and many others who gave their hands, hearts, and time.

It was a collective process. And that makes this stone not only a symbol of remembrance, but also of shared responsibility.

What we do today, we do not only for the past. We do it also – and perhaps above all – for the future. So that future generations will know what happened. So that they will continue to name the names. So that they will recognize what dehumanization, exclusion, and hatred can do – and never grow used to it.

Tragically, we are witnessing it again today – on an extreme and massive scale – in Palestine. Another genocide.

So we have not yet learned enough from our shared history.

This site marker is a beginning. A promise to the victims – and to ourselves – that we will not be silent.